Hoofdstuk 1 – Inleiding, versie 0.1

Met gepaste trots presenteer ik de eerste versie van hoofdstuk 1, de inleiding van mijn scriptie. Het hoofdstuk is als PDF (169kB) te downloaden en hieronder in webvorm te lezen. Commentaar is welkom via mijn reactieformulier of in de reacties hieronder.

Hoofdstuk 1 – Inleiding

Jeroen Steeman (http://www.minitrue.nl)
Communicatie- en informatiewetenschappen/Nieuwe media en digitale cultuur – Universiteit Utrecht
Versie 0.1: woensdag 16 maart 2005
Nuttige bijdragers worden bedankt, maar verder kunnen aan deze reacties geen rechten worden ontleend.

1.1 Weblogs als een nieuw genre

Op het internet is in de afgelopen jaren een nieuw genre ontstaan: het weblog. 1 Oorspronkelijk begonnen als verzamelpagina’s van leuke internetweetjes, houden nu miljoenen mensen een weblog bij. Daarin schrijven ze wat ze zelf willen schrijven, over wat er gebeurt in hun dagelijkse leven, over hun specialistische kennis of over het nieuws van de dag. De meeste weblogs worden alleen gelezen door een handje vol bekenden van de schrijvers, maar sommige Nederlandse weblogs krijgen miljoenen pageviews per maand2 en fungeren als een belangrijke nieuwsbron voor deze lezers.

Weblogs kunnen het beste uitgelegd worden als een nieuw genre van het medium internet. Weblogs geven een nieuwe invulling aan de manier waarop internetpagina’s geschreven en gelezen worden. Dit is compleet anders dan bij bijvoorbeeld statische HTML-pagina’s of webfora

In de korte geschiedenis van weblogs heeft dit nieuwe genre al voor flinke opschudding in de maatschappij gezorgd. Vooral journalisten van ‘traditionele media’ als radio, kranten en televisie voelen zich ongemakkelijk omdat in de Verenigde Staten al een aantal journalisten moest opstappen door toedoen van weblogs. Zo trad het hoofd van de nieuwsdienst van CNN, Eason Jordan, af in februari 2005 omdat weblogs enkele controversiële uitspraken van hem hadden gepubliceerd. 3

Weblogs en politiek
Weblogs die schrijven over nieuws kunnen zich niet buiten de politiek houden. Veel nieuwsberichten zijn immers onlosmakelijk verbonden met politieke beslissingen. Voor politici worden weblogs steeds belangrijker als we kijken naar het enorme lezerspubliek die de miljoenen weblogs hebben. Ook wordt er op weblogs gediscussieerd over abstractere vormen van politiek, bijvoorbeeld over politieke ideologie en de bijbehorende invulling van de democratie.

Een aantal politici heeft al het heft in eigen hand genomen; ze zijn zelf weblogs begonnen. Bekende nationale politici met een eigen weblog zijn onder andere Jan Marijnissen 4 en Gerrit Zalm 5. In hun weblogs vertellen ze over hun werkzaamheden in de politiek, maar dikwijls ook over hele persoonlijke zaken. Deze politici gebruiken hun weblog om contact te houden met hun achterban, om op een manier verantwoording af te leggen voor hun werk. Ze worden er immers op afgerekend door de kiezers in het stemhokje.

1.2 Reden van onderzoek

Ik heb in de zomer van 2004 besloten om mijn scriptie te schrijven over weblogs en politiek. Ik was gefascineerd door de enorme groei die een aantal grote Nederlandse weblogs doormaakten. Daarbij zag ik dat ze door de groeiende lezersaantallen een soort van invloed kregen op hun lezers, maar vooral ook op andere kleinere weblogs. Deze weblogs namen interessante onderwerpen over van hun grote broers. Op deze manier kan een nieuwtje zich razendsnel via het netwerk van weblogs verspreiden. Dat netwerk van weblogs die naar elkaar verwijzen wordt ook wel de blogosphere genoemd.

Tenslotte ben ik altijd geïnteresseerd geweest in politiek en het samenspel van de politiek met media. Het ontstaan van massamedia als kranten, radio en televisie heeft de relatie tussen politiek en burgers in een publieke sfeer drastisch veranderd. Een politicus heeft de media nodig om contact te leggen met zijn achterban, zijn kiezers. Aan de andere kant zijn media voor hun nieuws voor een deel afhankelijk van uitspraken van politici.

De Amerikaanse presidentsverkiezingen en de aanloop daar naar toen hebben laten zien dat weblogs in dat contact tussen kandidaat en kiezers een belangrijke rol kunnen spelen. Dat bleek in het bijzonder bij de Democratische voorverkiezingen waarbij Howard Dean mede dankzij zijn campagneweblog van kansloos in de peilingen opklom tot een van de favorieten om het tegen George W. Bush op te nemen. (Trippi, 2004)

Wetenschappelijke relevantie
Er is nog weinig gedegen wetenschappelijk onderzoek gedaan naar weblogs. Met het groeien van het aantal weblog en de groei van aandacht die andere media geven aan weblogs, groeit ook de wetenschappelijke aandacht voor het weblog. Met mijn scriptie wil ik proberen om mee te bouwen aan de wetenschappelijke basis voor onderzoek naar weblogs.

Aan het eind van de jaren negentig waren de nieuwe media, zoals het internet en computergames nog een compleet nieuw onderzoeksgebied voor wetenschappers. Uit verschillende vakgebieden begonnen onderzoekers dit nieuwe medium te bestuderen. Dat resulteerde in een veelvoud van invalshoeken. Onderzoeken werden uitgevoerd naar bijvoorbeeld de vorming van je identiteit in chatrooms (Turkle, 1995), naar het ontstaan van fanculturen dankzij de nieuwe media (Rushkoff, 1997), naar de manier waarop nieuwe media kenmerken van oude media overnemen (Bolter en Grusin, 1999) en naar de nieuwe mogelijkheden voor democratische processen (Jenkins en Thorburn, 2003). De laatste jaren ontstaan er meer instituten die zich compleet richten op onderzoek naar nieuwe media. Deze stabilisatie wordt mede veroorzaakt door de makkelijke toegang tot het internet van de bevolking.

De aandacht gaat nu meer en meer uit naar nieuwe genres van het internet, andere gebruiksmogelijkheden van het internet. Weblogs zijn zo’n nieuw genre. Vanuit mijn studie en vanuit de traditie binnen het Instituut voor Media en Re/presentatie zal ik dat doen vanuit een mediavergelijkend perspectief, waarbij de kenmerken van weblogs constant wordt vergeleken met andere media.

Daarnaast zijn de gevolgen van weblogs voor de traditionele journalistiek op dit moment nog onduidelijk. Zelfs rechters buigen zich over de vraag of weblogs journalistieke kwaliteiten kunnen hebben en of ze daarom aanspraak kunnen maken op dezelfde rechten als journalisten. Ik hoop met mijn scriptie een eerste aanzet te doen om te komen tot een uitgebreid en gedegen onderzoek naar de relatie tussen journalistiek en weblogs.

Maatschappelijke relevatie
De relatie tussen politiek en burgers verkeerd in een grote crisis. Grote aantallen burgers wantrouwen politici en gaan niet meer naar de stembus. Ze hebben het vertrouwen in de democratie verloren. De zittende politici stellen zich al jaren ten doel om de kloof tussen burgers en politiek te slechten, maar tot nu to zonder succes, de kloof wordt eerder groter dan kleiner.

In dit onderzoek wil ik bekijken of het gebruiken van weblogs deze kloof kan verkleinen. De Amerikaanse presidentsverkiezingen van november 2004 toonden aan dat er enorm veel mogelijkheden zijn voor politici en burgers om actief mee te doen aan het publieke proces van democratie. Ook steeds meer Nederlandse politici houden een eigen weblog bij om hun achterban op de hoogte te houden van hun werkzaamheden.

Daarom probeer ik in deze scriptie om voor politici en politieke medewerkers concrete aanwijzingen te formuleren over hoe ze met weblogs kunnen omgaan. Ik zal uitleggen hoe ze het best kunnen profiteren van de mogelijkheden, maar ook waar gevaren liggen. Daarnaast bespreek ik ook de abstracte kant van politiek. Hoe zit het met de discussies in de publieke sfeer? Krijgen de politici niet te veel mogelijkheden om het nieuws naar hun hand te zetten?

1.3 Vraagstelling

Hoofdvraag
De opmerkingen hierboven over de wetenschappelijke en maatschappelijke relevantie sluiten precies aan op de probleemstelling van deze scriptie: Zijn (politiek georiënteerde) weblogs in staat om burgers actiever te betrekken bij de politiek? Om deze vraag goed te kunnen beantwoorden moeten we eerst goed de termen die we gebruiken in de vraagstelling definiëren.

De term politiek wordt in deze scriptie in de meest brede zin van het woord opgevat. Zoals ik eerder al aangaf kunnen we politiek opdelen in twee niveaus. Politiek behelst aan de ene kant de praktijk van het (dagelijks) bestuur. Dit zijn gekozen volksvertegenwoordigers en benoemde personen (zoals burgemeesters en ministers). Zij houden zich bezig met het vaststellen van beleid en het concrete uitvoeren daarvan.

Aan de andere kant gaat het ook over theoretischere discussies over de betekenis van democratie, de publieke sfeer, de mate waarin burgers hun mening vormen en beslissen over te volgen ideologieën. Ook juist de overlap tussen deze twee niveaus is interessant en zal voldoende aandacht krijgen in deze scriptie.

Voor de definitie van weblogs heb ik het derde hoofdstuk ingeruimd, daar wordt uitgebreid ingegaan op kenmerken van weblogs. Daar worden ook concrete voorbeelden van weblogs en politieke weblogs beschreven.

Deelvragen
De probleemstelling kan worden opgesplitst in drie delen. Deze zullen in afzonderlijke hoofdstukken besproken worden. Deze deelvragen zijn:

  1. Welke rol spelen weblogs in de nieuwsvoorziening naar burgers?
    Hier bespreek ik de relatie tussen journalistiek en politiek en de plek van weblogs hierin. Een politicus moet altijd van (massa)media communiceren naar de burgers. Deze deelvraag onderzoekt of weblogs daarin anders functioneren dan andere media.
  2. Bieden weblogs burgers de mogelijkheid om deel te nemen aan het publieke politieke debat?
    Een veelgehoorde opmerking onder burgers is dat de politici niet meer naar ze luisteren. Deze deelvraag onderzoekt of weblogs ervoor kunnen zorgen de bevolking zich beter begrepen voelt.
  3. Kunnen burgers door weblogs makkelijker een (politieke) gemeenschap vormen? En wat kunnen politici met dat gegeven?
    Tenslotte is het internet bij uitstek een plek waar nieuwe gemeenschappen gevormd kunnen worden. Deze deelvraag onderzoekt of dat ook bij weblog het geval is en of politici daar voordeel uit kunnen halen.

1.4 Onderzoeksmethoden

Literatuuronderzoek
Deze scriptie zal voornamelijk bestaan uit literatuuronderzoek. Van bekende theorieën wordt gekeken of ze ook toepasbaar zijn op weblogs. Onder andere komen de werken van Habermas aan bod. Hierin schrijft hij bijvoorbeeld over rol van de media in de relatie tussen politici en burgers. Er is een klein aantal theoretici dat al schrijft over weblogs in hun recente onderzoek, de meeste onderzoeken zijn echter al een paar jaar oud, toen weblogs inhoudelijk nog geen rol van betekenis speelden. Hierdoor zal ik begrippen moeten lenen uit andere theorieën en die moeten toepassen op weblogs.

Gebruikte literatuur zal altijd geannoteerd worden in de tekst, waarbij de achternaam van de schrijver en het jaartal van publicatie tussen haakjes wordt weergegeven. Achterin deze scriptie staat een uitgebreide opsomming van de geraadpleegde literatuur, daar zijn de annotaties terug te vinden.

Observaties
Naast bestaande literatuur zal ik veel gebruik moeten maken van observaties. Hiervoor volg ik structureel de gebeurtenissen en de Nederlandse blogosphere. Ik zal een selectie maken uit interessante en spraakmakende Nederlandse weblogs om de theorieën te ondersteunen. Daarbij probeer ik zoveel mogelijk te verwijzen naar het oorspronkelijke materiaal, al is daar soms een flinke dosis internetarcheologie voor nodig.

De vindplaats van deze concrete voorbeelden wordt altijd aangegeven door middel van een voetnoot. In deze voetnoot wordt altijd vermeldt de titel van de internetpagina, het complete adres waaronder deze pagina is gevonden en het datum van het laatste bezoek. Doordat weblogs gebruik maken van permalinks zal het erg onwaarschijnlijk zijn dat de adressen van deze pagina’s veranderen.

Interviews
Tenslotte bespreek ik de tussentijdse onderzoeksresultaten met politici en beleidsmedewerkers. Op deze manier kan ik onderzoeken hoe politici zelf met weblogs omgaan, wat hun visie is op dat gebied voor gebruik bij toekomstige verkiezingscampagnes.Voor deze interviews zal ik zowel landelijke als lokale politici benaderen, zo veel mogelijk verspreid over de verschillende politieke partijen in Nederland.

Reikwijdte en beperkingen
Het onderzoek dat ik uitvoer uit mijn scriptie zal voornamelijk bestaan uit kwalitatief onderzoek. Voorbeelden worden uitgewerkt en getoetst aan de hand van bestaande (meestal kwalitatieve) theorieën. De omvang van de scriptie laat het niet toe om op grote schaal kwantitatief onderzoek te verrichten. Ik heb de prioriteit gelegd bij kwalitatief onderzoek, omdat er nog weinig theorie bestaat rondom weblogs. Als deze basis eenmaal gelegd is, zal er ook bij het onderzoek naar weblogs meer ruimte komen voor grootschalig kwantitatief onderzoek naar weblogs.

De meeste literatuur die ik gebruik is afkomstig uit de Verenigde Staten. Dat brengt bepaalde zaken met zich mee. Zo is onder andere het politieke bestel in de VS wezenlijk anders door het tweepartijenstelsel en door de nadruk op personen in plaats van partijen. Ook het Amerikaanse mediabestel verschilt duidelijk van het Europese en Nederlandse model. Ik zal in deze scriptie proberen om zoveel mogelijk te spreken vanuit een Nederlandse en Europese invalshoek. Dat betekent dat ik probeer om Amerikaanse zaken te vertalen naar een Nederlandse en Europese visie. Ik ben me er terdege van bewust dat dit geen ideale situatie is.

1.5 Hoofdstukindeling

Deze inleiding is het eerste hoofdstuk van mijn scriptie. Daarin vertel ik over de relevatie van het onderzoek, de probleemstelling en hoofdstukindeling. Dan volgt het tweede hoofdstuk. Dit zal de centrale thema’s van framing en mediavergelijkend onderzoek verder uitleggen. Hoofdstuk drie geeft een uitgebreide uitleg van het genre van het weblog. Hierin wordt de geschiedenis van weblog beschreven, komen een exacte en een ruime definitie van weblog aan bod en geeft ik enkele voorbeelden van politieke weblogs.

Het vierde hoofdstuk bespreekt deelvraag a. ( Welke rol spelen weblogs in de nieuwsvoorziening naar burgers? ) Hierin bespreek ik de rol van de nieuwsvoorziening in de communicatie tussen politici en burgers. Aan bod komen onder andere de verschillende belangen die politiek, media en burgers hebben bij het tot stand komen van het nieuws. De gevolgen van deze belangen voor de framing van het nieuws worden hier ook besproken. Hoofdstuk vijf zal vervolgens deelvraag b proberen te beantwoorden. ( Bieden weblogs burgers de mogelijkheid om deel te nemen aan het publieke politieke debat? ) Dit hoofdstuk bekijkt de communicatie van de andere kant, het zal de mogelijkheden van de burger om deel te nemen aan het publieke politieke debat uitwerken. Eerst bespreek ik in dit hoofdstuk de huidige manier waarop het publieke debat tot stand komt en de rol van de traditionele media daarin. Daarna kijk ik of weblogs hierin extra mogelijkheden bieden voor de burgers om deel te nemen aan dit debat.

In hoofdstuk zes komt aan de orde of weblogs in staat zijn om concrete gemeenschappen te vormen onder haar lezers, zoals gevraagd in deelvraag c. ( Kunnen burgers door weblogs makkelijker een (politieke) gemeenschap vormen? En wat kunnen politici met dat gegeven? ) Hier wordt verder ingegaan op de manier waarop weblogs politici kunnen helpen bij het voeren van een digitale campagne. Hoofdstuk zeven bestaat uit interviews van politici met weblogs en hun beleidsmedewerkers. Hier zal ik beschrijven wat de beweegredenen van politici zijn om te beginnen met webloggen en of ze vooraf bepaalde verwachtingen hadden van het gebruik van een weblog.

Tenslotte zal ik in het laatste hoofdstuk proberen om mijn probleemstelling en deelvragen te beantwoorden. Dit zal ik doen aan de hand van de uitkomsten uit de voorafgaande hoofdstukken. Hierna volgen nog de literatuurlijst met verwijzingen naar de gebruikte literatuur in deze scriptie. Daarna volgt een overzicht van weblogs die in de scriptie aan bod zijn gekomen. Helemaal achterin is het register te vinden waarin personen en zaken op alfabetische volgorde worden weergegeven.

Literatuur in dit hoofdstuk

  • Bolter, Jay Davis en Richard Grusin. Remediation. 1999. Cambridge, USA: The MIT Press, 2000.
  • Jenkins, Henry, ed. Democracy and New Media. 2003. Cambrigde, USA: The MIT Press, 2004.
  • Rushkoff, Douglas. Children of Chaos. London: Flamingo, 1997.
  • Turkle, Sherry. Life on the Screen. New York: Simon & Schuster, 1995.

Voetnoten

  1. Taalkundigen zijn er nog niet over uit of een weblog de of het als lidwoord heeft. Beide varianten worden gebruikt. In deze scripie zal ik steeds spreken van het weblog.
  2. MarketingFacts – Weblogs: wie heeft de grootste?: http://www.mediafact.nl/comments.php?id=7777_0_1_15_C (16 maart 2005)
  3. LVB.net – Easongate: blogosfeer brengt CNN-baas tot ontslag: http://lvb.net/item/853 (16 maart 2005)
  4. Weblog Jan Marijnissen: http://www.janmarijnissen.nl/weblog (18 februari 2005)
  5. WebLog [sic, van Gerrit Zalm, JS]: http://www.minfin.nl/default.asp?CMS_ITEM=9B79D001024… (18 februari 2005)
Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *