Bloggen in het Facebook- en Twittertijdperk

Ik vind het maar moeilijk, dat bloggen anno 2013. Een paar maanden geleden besloot ik om m’n eigen weblog weer helemaal te actualiseren, enerzijds om m’n WordPress-skills weer wat op te poetsen, maar vooral ook om te kijken of ik het nog een beetje kan, dat bloggen. En wat blijkt; het is nog verdomd moeilijk in deze moderne tijden waarin je iedere gedachte binnen 140 tekens op Twitter slingert en je vakantiefoto’s (alleen voor vrienden) op Facebook zet.

Om eens te kijken hoe dat vroeger ging, ben ik maar eens mijn eigen blogarchief ingedoken. (Bekentenis: Dat was niet geheel pijnvrij.) In juni 2004, bijna negen jaar geleden, begon ik met Minitrue. Als student Nieuwe Media en Digitale Cultuur moest ik maar eens zelf aan de slag met dat nieuwe medium: webloggen. Twitter bestond nog niet, Facebook was alleen nog toegankelijk voor studenten van Harvard. Uiteindelijk heb ik het bloggen een paar jaar vrij regelmatig volgehouden en plaatste ik zelfs de concepthoofdstukken van mijn scriptie online voor commentaar. Toch hield ik me niet alleen met serieuze zaken bezig. In post na post (in de categorie Ahja!) geeft ik mijn commentaar op van alles dat ik om me heen zie gebeuren.

  1. Over de Cruyffiaanse zinnetjes die de NS onderaan de vertrekstaten zet (nu nog steeds trouwens).
  2. Over de rake opmerking op een Loesje-kalender: “Verkiezingen VS: in het land van de onbegrensde mogelijkheden is twee partijen wel wat karig.”
  3. Over een schilderij met pokerende honden dat meer dan $500.000 dollar opdracht bij een veilig (en dat nog steeds een van mijn meest gelezen posts is).

Dat was vroeger. Tegenwoordig ga ik niet meer zitten om een hele post te schrijven over een kleine observatie, een goed achtergrondartikel of een leuke video.

Ik vat het samen in een tweet,

ik klik op retweet,

of ik deel de video op Facebook (meer op YouTube)

Conclusie: Regelmatig bloggen is er voor mij de afgelopen jaren niet makkelijker op geworden. Maar m’n mening het internet op slingeren des te meer. En wie weet denk ik er voortaan ook aan om mijn commentaar iets uitgebreider dan in 140 tekens te formuleren.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *