Ik heb in de zomer van 2004 besloten om mijn scriptie te schrijven over weblogs en politiek. Ik was gefascineerd door de enorme groei die een aantal grote Nederlandse weblogs doormaakten. Daarbij zag ik dat ze door de groeiende lezersaantallen invloed kregen op hun lezers, maar vooral ook op andere, kleinere weblogs. Deze weblogs namen interessante onderwerpen over van hun grote broers. Op deze manier kan een nieuwtje zich razendsnel via het netwerk van weblogs verspreiden. Dat netwerk van weblogs die naar elkaar verwijzen wordt ook wel de blogosfeer genoemd.
Tenslotte ben ik altijd geïnteresseerd geweest in politiek en het samenspel van de politiek met media. Het ontstaan van massamedia als kranten, radio en televisie heeft de relatie tussen politiek en burgers in een publieke sfeer steeds drastisch veranderd. Een politicus heeft de media nodig om contact te leggen met zijn achterban, zijn kiezers. Aan de andere kant zijn media voor hun nieuws voor een deel afhankelijk van het handelen van politici.
De Amerikaanse presidentsverkiezingen en de aanloop daar naar toe hebben laten zien dat weblogs in dat contact tussen kandidaat en kiezers een belangrijke rol kunnen spelen. Dat bleek in het bijzonder bij de Democratische voorverkiezingen waarbij Howard Dean mede dankzij zijn campagneweblog van kansloos in de peilingen opklom tot een van de favorieten om het tegen de zittende president George W. Bush op te nemen. (Trippi 2004)
Er is nog weinig gedegen wetenschappelijk onderzoek gedaan naar weblogs. Met het groeien van het aantal weblog en de groei van aandacht die andere media geven aan weblogs, groeit ook de wetenschappelijke aandacht voor het weblog. Met mijn scriptie wil ik proberen om mee te bouwen aan de wetenschappelijke basis voor onderzoek naar weblogs.
Aan het eind van de jaren negentig waren de nieuwe media, zoals het internet en computergames nog een compleet nieuw onderzoeksgebied voor wetenschappers. Uit verschillende vakgebieden begonnen onderzoekers dit nieuwe medium te bestuderen. Dat resulteerde in een veelvoud van invalshoeken. Onderzoeken werden uitgevoerd naar bijvoorbeeld de vorming van identiteit in chatrooms (Turkle 1995), naar het ontstaan van fanculturen dankzij de nieuwe media (Rushkoff 1997), naar de manier waarop nieuwe media kenmerken van oude media overnemen (Bolter en Grusin 1999) en naar de nieuwe mogelijkheden voor democratische processen (Jenkins en Thorburn 2003). De laatste jaren ontstaan er meer instituten die zich compleet richten op onderzoek naar nieuwe media. Deze stabilisatie wordt mede veroorzaakt door de vergrote toegang tot het internet voor een groot deel van de bevolking.
De aandacht gaat nu meer en meer uit naar nieuwe genres van het internet, en haar andere gebruiksmogelijkheden. Weblogs zijn zo'n nieuw genre. Vanuit mijn studie en vanuit de traditie binnen het Instituut voor Media en Re/presentatie zal ik dit onderzoek uitvoeren vanuit een mediavergelijkend perspectief, waarbij de kenmerken van weblogs constant wordt vergeleken met andere media.
Ook de andere invalshoeken van mijn studie en het instituut komen aan bod. (
1) Dat is ten eerste een historisch perspectief, waarin de geschiedenis van de opkomst van nieuwe media centraal staat, inclusief de gevolgen voor de maatschappij. Ten tweede hanteer ik het analytisch-theoretisch perspectief waarin de theorievorming rondom nieuwe begrippen centraal staat. De scriptie zal constant vanuit deze drie invalshoeken de weblogs bestuderen.
Vanuit het historisch perspectief wordt ook de complexe veranderende relatie tussen burgers, politiek en media onderzocht. Zo zijn de gevolgen van weblogs voor de traditionele journalistiek op dit moment nog onduidelijk. Zelfs rechters buigen zich over de vraag of weblogs journalistieke kwaliteiten kunnen hebben en of ze daarom aanspraak kunnen maken op dezelfde rechten als journalisten. Ik hoop met mijn scriptie een eerste aanzet te doen om te komen tot een uitgebreid en gedegen onderzoek naar deze relatie complexe tussen burgers, politiek en media en de rol van de weblogs daarbij.
De relatie tussen politiek en burgers verkeerd in een grote crisis. Grote aantallen burgers wantrouwen politici en gaan niet meer naar de stembus. Ze hebben het vertrouwen in de democratie verloren. De zittende politici stellen zich al jaren ten doel om de kloof tussen burgers en politiek te slechten, maar tot nu toe zonder succes, de kloof wordt eerder groter dan kleiner.
In dit onderzoek wil ik bekijken of het gebruiken van weblogs deze kloof kan verkleinen. De Amerikaanse presidentsverkiezingen van november 2004 toonden aan dat er enorm veel mogelijkheden zijn voor politici en burgers om actief mee te doen aan het publieke proces van democratie. Ook steeds meer Nederlandse politici houden een eigen weblog bij om hun achterban op de hoogte te houden van hun werkzaamheden.
Daarom probeer ik in deze scriptie om voor politici en politieke medewerkers concrete aanwijzingen te formuleren over hoe ze met weblogs kunnen omgaan. Ik zal uitleggen hoe ze het best kunnen profiteren van de mogelijkheden, maar ook waar gevaren liggen.
