HET INTERVIEW
Discours in cabaret

Dit is een van de moeilijkste onderwerpen in mijn nota. Ik heb ervoor gekozen om een stuk uit de eerste voorstelling van Acda en de Munnik, Zerf'on, te nemen en dat te analyseren op een bepaald discours. Dit is niet het discours betreffende cabaret, maar de discours van het betreffende stuk. Cabaretiers maken vaak persiflages van bepaalde omstandigheden of personen, in principe nemen ze dan het discours (gebruik) rond een bepaalde situatie op de hak. In mijn gekozen stuk gaat het om een interview van een schrijver waarin verschillende soorten discoursen aan bod komen. Ik zal per discours wat vertellen. Het fragment is te beluisteren op mp3-formaat (927kB) of te lezen in een extra scherm.

De presentator
Het eerste dat de luisteraar opvalt aan het fragment is dat de presentator (Paul de Munnik) heel slecht is voorbereid op het onderwerp. Hij weet de naam van de schrijver niet (althans, in het begin niet) en hij weet ook de naam van het boek waarover de schrijver gaat vertellen niet.

Paul: Goedenavond dames en heren. Hier sta ik weer. En zoals u weet komt hier straks de gast van deze week te staan. Ik zal een beetje over mijn gast vertellen. Hij reist veel, hij schrijft veel... Nou ja, schrijft veel? Iedereen heeft zijn boek wel eens op zijn boekenlijst gehad. Wie kent niet dat boek met die verrukkelijke titel...(stilte)... Met die verrukkelijke titel. Dames en heren , mag ik een hartelijk applaus...(korte stilte)...applaus!

Paul de Munnik zet de presentator neer als een type zoals men vaker tegenkomt op de televisie: de presentator vindt zichzelf belangrijker vindt dan zijn gast.Het belangrijkste voorbeeldkun je vinden in Barend en van Dorp. Als je het interview op paier uitgeschreven ziet dan valt ook meteen op de de presentator veel meer zegt dan zijn gast. In een goed interview zou dat juist andersom moeten zijn. In Het Interview is dat aangegeven door de 'eeuwigdurende' vraag of de gast iets wilt drinken. Let daarbij ook op het feit dat de presentator de gast niet laat uitspreken.

Paul: Zeg,... de meeste schrijvers komen hier vertellen over hun nieuwe boek, maar jij bent hier te vertellen over je oude boek, begrijp ik?
Thomas: Ja, ik ...
Paul: Sorry, wat wil je drinken? Ik heb rood, ik heb wit, ik heb water?
Thomas: Nee, biertje.
Paul: Ik wit, ik heb bok, ik heb bruin.
Thomas: Doe maar een pilsje.
Paul: Ik heb pils, ...
Thomas: Lekker.
Paul: In de smaken Kriek, Jupiler, Maes.
Thomas: Lekker.
Paul: Maesje doen?
Thomas: Lekker.
Paul: Die's op! Hartelijk welkom. Zeg, de meeste schrijvers komen hier om te vertellen over hun nieuwe boek maar jij bent hier om te vertellen over je oude boek, begrijp ik?

Een andere vervelende eigenschap van de presentator is dat hij denk dat hij het beter weet dan zijn gast. Dit kan vooral erg vervelend zijn wanneer de toeschouwer erg geïnteresseerd is in de gast, de mening van de presentator doet er dan eigenlijk niet toe.

Paul: Nou, we zijn erg benieuwd. Maar je kwam hier om te vertellen over je oude boek. Dat oude boek, waar ging dat ook alweer over?
Thomas: Over liefde, vriendschap en de dood.
Paul: Ging over zwerven, h?
Thomas: Nee.
Paul: Wat is zwerven voor jou precies?
Thomas: Ok. Zwerven is reizen zonder je einddoel te kennen.
Paul: ...
Thomas: Nee, zwerven is reizen zonder je einddoel te hebben zelfs.
Paul: ...
Thomas: Ik heb geen idee.
Paul: Precies! Die twee hoofdpersonen van jou, h,...
Thomas: Ja, dat zijn twee hele aardige...
Paul: Zijn een beetje mietjes, h?
Thomas: ...mietjes. (?) Nou, dat komt natuurlijk ook een beetje door hun omgeving...
Paul: Ach, hoepel nou toch op met je omgeving. Iedereen kent in zijn omgeving toch wel een meno- dan een penopauze overgangsveertiger die bij voortduren denkt uit te moeten roepen een lange reis te zullen gaan maken.
Thomas: Ja.

De schrijver
Naast de presentator kriijgt de schrijver (gespeeld door Thomas Acda) maar weinig aandacht. Een enkeling zou misschien herkennen dat de schrijver Jack Karouac is en dat het beschreven (oude) boek On the Road is. De schrijver is helemaal weg van zijn onderwerp; zwerven. In het boek On the Road wordt zwerven gigantisch opgehemeld. De theater voorstelling gaat over twee mensen die ook proberen te zerven maar dan toch steeds weer thuis komen. Het boek dat in het interview beschreven wordt gaat over deze twee mensen. Ook de liedjes Als het vuur gedoofd is en Het regent zonnestralen die ik later nog zal analyseren, gaat over een man die erover nadenkt om de wijde wereld in te trekken. Het zerven kan ook nog als een apart discours gezien worden dat door Acda en de Munnik gepersifleerd wordt, enthouiast zijn over zwerven, maar toch steeds terugkomen. De schrijver is niet zo stereotypisch neergezet, maa
r is toch duidelijk het type van een vage schrijver. De schrijver kan niet zo goed overweg met de situatie, hij is niet zo gewend om op de voorgrond te staan. Dit is te zien aan onder andere het feit dat de presentator er steedsdoorheen praat en aan het feit dat de schrijver na het interview vraagt of hij het wel goed gedaan heeft.

Paul: Dank je wel voor dit interview.
Thomas: Graag gedaan. Heb ik niet teveel gezegd?
Paul: Nee nee.
Thomas: Ja, want als je mij mijn gang laat gaan ga ik babbelen, hoor! Wawawawawawawawawawawawawa!

Conclusie
Humor wordt vaak gemaakt door persiflages, hierin wordt dan een discours op te korrel genomen. Een uitstekend voorbeeld hiervan zijn de vele persiflages gemaakt door Jiskefet (de ballo's, crediteuren, debiteuren en Commisar Tampert). Ook Acda en de Munnik maken gebruik van persiflages zoals te zien is in Het Interview.